Banen van starters en young professionals veranderen in hoog tempo. AI neemt taken over. Juist die taken waarvan starters kunnen leren. De uitdaging wordt daardoor niet om AI het werk van starters te laten vervangen, maar om AI zo in te zetten dat jonge professionals zich juist sneller kunnen ontwikkelen om klaar te zijn voor een toekomst met AI en tegelijkertijd waarde toevoegen aan de organisatie.
Juist in een krappe arbeidsmarkt blijft investeren in de begeleiding en ontwikkeling van starters daarmee essentieel. Het is niet enkel een kostenpost, maar een strategische keuze om in te investeren. Maar welke vaardigheden maken straks het verschil? Om dat te weten te komen is het goed om eerst te begrijpen hoe AI ons werk verandert. Globaal zijn er namelijk drie manieren hoe AI impact heeft op ons werk en dus ook op dat van young professionals.
Drie manieren hoe AI ons werk verandert
1. Verandering van taken door substitutie
Bij substitutie ga je ervan uit dat AI een bepaalde taak volledig overneemt. AI komt in plaats van wat de starter nu doet. Toen er vroeger werd geautomatiseerd, ging het om fysieke routinehandelingen zoals fabriekswerk. Nu gaat het om cognitieve routinehandelingen: taken die volgens vaste stappen verlopen en weinig creativiteit vragen. Denk bijvoorbeeld aan gespreksverslagen maken, basis programmeerwerk, vertalen enzovoort.
Voor young professionals kan substitutie van taken drie dingen betekenen:
- een bedreiging: junioren zijn minder nodig.
- een risico: doordat AI taken van starters gemakkelijk overneemt, verdwijnt de mogelijkheid tot leren en ontwikkelen. Maar juist door het doen van routinetaken die AI ook zou kunnen, leer je over je vak en over persoonlijke en professionele vaardigheden die je nodig hebt op de werkvloer.
- een kans: het routinewerk wordt overgenomen door AI, dus ontstaat er ruimte voor betekenisvoller werk.
2. Verandering van taken door complementariteit
Bij complementariteit gaat het erom dat AI bepaalde taken slimmer, sneller of efficiënter uitvoert, waardoor medewerkers productiever worden. Het uitgangspunt is niet dat AI het werk van starters overneemt, maar dat de young professional en AI elkaar aanvullen. Daardoor verdwijnen niet per se banen, maar verandert de inhoud van het werk. Routinematige taken kunnen door AI worden ondersteund, waardoor er meer ruimte ontstaat voor werkzaamheden waarin menselijke kwaliteiten het verschil maken. Dat maakt het werk niet alleen efficiënter, maar vaak ook afwisselender en waardevoller.
Voor starters biedt dit juist kansen op waardevolle ontwikkeling.
Wel vraagt het om nieuwe vaardigheden. Het is niet langer de vraag of je AI gebruikt óf je vak leert, maar hoe je AI inzet terwijl je jezelf ontwikkelt in je vak. Starters moeten leren samenwerken met AI, de output kritisch leren beoordelen terwijl ze blijven begrijpen wat er achter de resultaten schuilgaat. Zo ontstaat een hybride manier van werken: je leert terwijl je AI gebruikt én levert tegelijkertijd waardevol werk op.
Neem bijvoorbeeld een accountant die AI inzet om sneller financiële analyses op te stellen. Daardoor ontstaat meer tijd voor klantcontact en strategisch advies, werkzaamheden waarin menselijke oordeelsvorming en communicatie centraal staan. Voor een starter betekent dat: je leert niet alleen boekhouden, je leert ook over klantcontact en het begeleiden van klanten. AI kan de ontwikkeling van young professionals zo ook juist versnellen. Of denk bijvoorbeeld aan gesimuleerde patiënt gesprekken. Junioren oefenen in een veilige, gesimuleerde omgeving met lastige gesprekken met patiënten of naasten, zonder dat er meteen mensenlevens op het spel staan. Leerpaden die vroeger alleen ontstonden door jaren meelopen, gaan zo sneller.
Junior functies moeten opnieuw ontworpen worden.
Wanneer je als werkgever je junior rollen op deze manier ontwerpt, wordt AI geen vervanger van ontwikkeling, maar juist een versneller ervan. Starters kunnen zich richten op werkzaamheden die meer uitdaging en verantwoordelijkheid bieden.
3. Verandering doordat er nieuwe en andere taken komen
Tot slot verandert AI de werkvloer doordat er taken ontstaan die er zonder AI niet waren. Het gebruik van AI zorgt ervoor dat er nieuwe, complexere taken en mogelijkheden ontstaan. Bijvoorbeeld het controleren van output, het bouwen van agents of het oppakken van dat ene data-project waar eerder onvoldoende capaciteit voor was.
Hoewel de routinetaken die verdwijnen typische taken zijn waar jongeren doorgaans hun loopbaan mee starten, vragen de nieuwe taken die ontstaan om creativiteit, nieuwe ideeën en menselijke verbinding. In beginsel zijn dit punten waarin jongeren uit Generatie Z sterk zijn of kunnen worden en hun voordeel uit kunnen halen.
Dat de werkvloer op deze manier verandert is een groei-gedachte: door nieuwe betekenisvolle taken en rollen toe te voegen, richt je het werk zo in dat jongeren én de organisatie samen groeien en waarde creëren. Zulke taken en rollen ontstaan alleen niet vanzelf. Je moet ze bewust ontwerpen, anders verdwijnt het routinewerk wel, maar daarmee ook je starters en jonge professionals.
Maar er verandert meer voor jongeren, daarover deel ik in deel 2 van dit artikel (publicatie oktober 2026)














